Theoretische basis: Michel Seuphor (1901-1999)

Wat we bij het verstrengen van de afbakening van de geometrische abstracte kunst niet uit het oog mogen verliezen als Belgen, is dat een landgenoot, Michel Seuphor, aan de theoretische basis ligt van deze evolutie. Vanaf 1925 vestigde hij zich in Parijs en werd er een leidinggevend verdediger van de geometrische abstracte kunst. Dat had uiteraard ook zijn weerslag op de Belgische kunstwereld waarmee hij in contact bleef. Maar zijn invloed was zeer internationaal. Hij was niet enkel een kunstenaar. Omdat hij bevriend was met zeer veel vertegenwoordigers van de geometrische abstracte kunst, was hij ook de aangewezen persoon om een eerste geschiedenis te schrijven. Hij kreeg deze opdracht van de befaamde galerie Maeght in 1949. Van bij de aanvang van zijn artikel poneerde hij een verengde … [Read more...]

Neo-geo of de vierde generatie geometrische abstracten

Hetzelfde doen in een andere tijd is iets anders doen. Van de derde generatie van de geometrische abstractie zijn nog steeds kunstenaars aan het werk. Zelfs als ze nog schilderen zoals in de jaren zestig, dan heeft dat toch een andere betekenis gekregen. Sommigen zijn ook echt anders gaan werken. Men zou dit de vierde generatie geometrische abstractie kunnen noemen die vandaag ook door zeer jonge artiesten beoefend wordt. Een Guy Vandenbranden is de harde lijn blijven volgen, samen met vele anderen. Dat siert hen. Anderen zijn dan weer eigen wegen gaan zoeken. Trouw aan zowel de geometrie als aan de abstractie, maar minder principieel, minder volgzaam aan externe regels, hebben ze varianten ontwikkeld. De transparanties en vervagingen van Swimberghe zou men hiertoe kunnen rekenen. Dat … [Read more...]

Neoconstructivisme als derde generatie geometrische abstracte kunst en de neo-geo

De verstgaande poging in de twintigste eeuw om zich te bevrijden van de oude traditionele kunst is ongetwijfeld de abstracte kunst. In haar geometrische vorm heeft ze de kunstenaars en hun favoriserende critici het meest in de illusie laten leven dat hier de essentie van het kunst-zijn van de schilderkunst bereikt werd. Dat ik hier gewag maak van ‘illusie’, mag niet als misprijzen voor dit soort kunst begrepen worden. Het drukt enkel mijn filosofische twijfel uit over het bestaan van essenties. Een scepsis die ik ook aanhoud omtrent de mogelijkheid dat een kunstvorm of zelfs om het even welke cultuurvorm een definitieve oplossing zou zijn voor een esthetisch probleem. Een esthetisch probleem is de vraag: hoe maak ik op een bepaald ogenblik, op een bepaalde plaats een interessante vorm … [Read more...]

Jan Van Den Abbeel (1943- )

Om moeilijk te doen noemde Jan Van Den Abbeel zichzelf liever ‘plastisch kunstproducent’ dan gewoonweg kunstenaar. Maar het zegt iets over het engagement van de jonge generatie die aansloot bij het neoconstructivisme. Kunst moet berekenbaar zijn met een ontwerp waarin begin en vooral het einde op voorhand bekend zijn. Geen overdaad aan verfklodders bij emotionele overmaat. De ziel uitkotsen moet niet per se tegen het canvas gebeuren. Jan Van Den Abbeel maakt vrij grote werken. Kleurrijke balken die in feite geen balken zijn omdat ze optisch een draaibeweging maken. In die zin sluit zijn werk ook aan bij de op-art (de kunst die onze ogen op verkeerde paden zet. Zijn voorkeurskleuren zijn blauw, geel, rood en groen in hun zuivere gehalte. Hij heeft niet alleen op doek gewerkt, maar ook op … [Read more...]