Yves Zurstrassen (1956- )

De existentiële band tussen het schilderend ‘ik’ en het geschilderde is belichaamd. Deze lichamelijke relatie met het te schilderen vlak; dit doek dat een veld vol sporen is van picturale gebaren: spatten, strijken, vegen, droppen, druppelen, griffen, striemen, gutsen, doordrenken, pointilleren, krassen; dit overgeven van hart en ziel met gulpen verf tegen de verwachtende drager aan; dat en nog veel meer vitalistisch getinte werkwoorden kenmerken de schildersdrift van Zurstrassen. In een eerste fase (begin jaren tachtig) zocht Zurstrassen naar de lichtheid van het medium. Zijn kleuren van een volstrekt bovenaardse mentaliteit werden op het doek gezeefd, weliswaar onmechanisch en dus eigenhandig, volgens het repetitieve ritme van muziek die daadwerkelijk in zijn atelier te horen is of in … [Read more...]

Kenmerken van die ‘Nieuwe Schilderkunst’

Zoals gezegd was men het intellectualisme van de conceptuele kunst wat moe en werd de soberheid van het minimalisme te leeg bevonden. Men had opnieuw behoefte aan wat verhalen, op sensuele wijze in beeld gebracht, als een feest voor de ogen. Het postmodernisme heeft een nieuw tijdsbesef doorgedrukt. Men zou dit de overgang van de geschiedenisfilosofie van Hegel naar deze van Nietzsche kunnen noemen. Hegel zag de geschiedenis lineair met een evolutie die uiteindelijk via vooruitgang tot een goed einde kwam. Nietzsche beschouwde de geschiedenis als cyclisch, als een eeuwige terugkeer van het gelijke. In een dergelijke opvatting is er geen plaats voor een avant-garde die als uitgangspunt heeft dat het nieuwe het oude moet opheffen. Het nieuwe is een zaak van ‘articulatie’, d.w.z. afhankelijk … [Read more...]

Neo-expressionisme in het begin van de jaren tachtig

Een van de hardnekkigste kwakkels die de ronde doen in bepaalde kunstnetwerken is wel deze dat de schilderkunst sinds de jaren zeventig dood is. De beste in dit verband is nog de bewering dat de recente stroming, die ik neosymbolisme heb genoemd de hergeboorte van de schilderkunst zou zijn. Ook zou de vulkanische verfuitbarsting van begin de jaren tachtig, waarover ik het hier wil hebben, slechts een zeer tijdelijke eruptie geweest zijn. Exuberanties zijn steeds van korte duur, maar de verdwijning van de schilderkunst is een manipulatie van verzamelaars, curatoren en critici.  Johan Pas licht een tipje van deze sluier op. Ik zou het niet beter kunnen verwoorden: “Na deze geestdrift wordt het opmerkelijk snel stil rond de nieuwe Belgische en Vlaamse schilderkunst. De lokale en nationale … [Read more...]